De foto die ze laat zien is van een begraafplaats. Het graf, centraal op de foto, ligt er verloren bij, het is verwaarloosd. Er liggen losse stenen en er staat volop onkruid omheen. 'Dit stuurden vrienden van mijn zoon deze week', zegt ze.
Nur vecht tegen haar tranen. Al 1,5 jaar is ze in Nederland, maar ze voelt zich hier heel erg alleen. We communiceren via de tolk van de tolkentelefoon. Nur spreekt Dari en bijna geen Nederlands, ik spreek Nederlands en geen Dari. In het begin zijn we alleen maar stil. Nur vindt het zichtbaar moeilijk om te vertellen. 'Het is ook zo veel,' zegt ze. Heel voorzichtig komt het gesprek op gang. Ze vertelt dat ze samen met haar drie kinderen uit Afghanistan gevlucht is, nadat haar man daar werd doodgeschoten. Na vele omzwervingen kwamen ze in Griekenland terecht in een vluchtelingenkamp. Ze hadden het best goed en ze probeerde om positief te blijven. Tot die ene avond in augustus, nu anderhalf jaar geleden, toen haar zoon Fahim van 16 door twee verveelde tieners werd doodgestoken. Haar wereld stortte opnieuw in. De tieners werden opgepakt en zullen hun straf niet ontlopen, maar zij moest haar zoon begraven. Ze voelde zich niet meer veilig. Na lang wikken en wegen besloot ze daarom met haar twee kinderen door te reizen naar Nederland, Fahim achterlatend in Griekenland. Met een huilend moederhart belandde Nur in een AZC in Nederland, blij met een dak boven haar hoofd voor haarzelf en de kinderen.
Ze voelt zich nu veilig, maar vindt geen aansluiting. De medebewoners spreken voornamelijk Arabisch en Turks. 'Ik voel me zo vreselijk alleen', zegt ze zachtjes. 'En dan zie ik het graf van Fahim zo en dan kan ik niet meer stoppen met huilen.' De tranen stromen over haar wangen, ik reik haar een doos met tissues aan. Ze heeft nog geen officiële verblijfstatus, ze mag het land niet uit en heeft meldingsplicht. 'Zal ik proberen of we een overplaatsing in gang kunnen zetten naar een plek waar je meer aanspraak zult hebben, waar meer mensen jouw taal spreken?" vraag ik haar. Ze knikt. 'Via onze POH-GGZ zal ik ook vragen of we kunnen zoeken naar een psycholoog die Dari spreekt, is dat goed?', vervolg ik. Ze veegt haar wangen droog en ik zie een voorzichtige glimlach om haar lippen. "Graag,' fluistert ze.
Opnieuw pakt ze haar telefoon en laat een foto zien van een groep jongens. 'Kijk, dit zijn de vrienden van Fahim. Zij gaan zijn graf weer mooi maken en als ze klaar zijn gaan ze mij weer een foto sturen', zegt ze trots. Te weten dat anderen ook om Fahim geven lijkt haar moed te geven om door te gaan. Nur, een sterke vrouw met een huilend moederhart.
Eén dag per week werk ik als huisarts op het asielzoekerscentrum, dat maakt mij nederig en dankbaar voor de meest kleine dingen.
( Mede dankzij het COA is het gelukt om Nur over te plaatsen naar een plek waar zij beter past, ook is de psychische hulp in gang gezet. POH-GGZ = praktjkondersteuner van de huisarts - geestelijke gezondheid zorg ; COA = centraal orgaan opvang asielzoekers)