Geboren met hulp van een vacuümpomp ...

Emmeline Backhuys • 12 februari 2019

Op mijn spreekuur zie ik een jong meisje van 3 jaar met een hoestje. Moeder is gister ook bij de huisarts geweest die had geadviseerd geen medicijnen te gaan gebruiken maar het wel goed in de gaten te houden. Tegenover mij zitten Jasmine, haar moeder en haar grootmoeder. Ik bekijk en beluister Jasmine van top tot teen en kom tot dezelfde conclusie als mijn collega de dag ervoor. De drie dames tegenover mij spreken thuis geen Nederlands. Ik probeer zo goed mogelijk uit te leggen dat het op dit moment echt niet nodig is om medicijnen voor te schrijven, dat ik het eens ben met het oordeel van mijn collega en dat als de situatie verandert zij altijd opnieuw welkom zijn. Ik bespreek met hen de alarmsignalen waar zij op moeten letten. Oma, tegenover mij, knikt enthousiast als ik uitleg dat medicijnen niet altijd nodig zijn. Als ik klaar ben vraag ik moeder of zij heeft begrepen wat ik heb gezegd. 'Ja dokter ik heb het goed begrepen en ik wil eigenlijk ook niet dat zij medicijnen krijgt, zegt ze tegen mij. 'Jasmine had bij de geboorte al een infectie dus liever geen medicijnen. Ja dokter ze is ook als vacuümpakket geboren dus we zijn voorzichtig.'

door emmeline.backhuys 11 november 2024
De kracht van de ZZP-huisarts alias de waarnemer
door emmeline.backhuys 29 november 2023
dagboek van een mantelzorger: Liefde is geduldig
door emmeline.backhuys 29 november 2023
dagboek van een mantelzorger:  zorg op maat als thuiszorg faalt
door emmeline.backhuys 20 november 2023
Ziek van de zorg!
door Emmeline Backhuys 1 juni 2023
Huilend moederhart
door Emmeline Backhuys 26 mei 2023
Abdul van 17
door Emmeline Backhuys 19 mei 2023
Gesteund door haar rollator heeft ze de deur voor mij opengedaan, mevrouw Bergman. Samen lopen we de woonkamer in. Ze woont op 8 hoog en heeft mooie grote ramen en een prachtig uitzicht. Zodra ze in haar sta-op stoel is gaan zitten begint ze enthousiast. 'Dokter wat fijn dat u er bent. Ik had een ontsteking aan mij heup, dat weet u. Ik ben eerst opgenomen in het ziekenhuis en toen het wat beter ging ben ik gaan revalideren. Alles bij elkaar heeft het 2 maanden geduurd voordat ik weer naar huis kon. Ik ben begin deze week ontslagen. Het was een hele tijd dat ik van thuis weg was, maar soms ook best gezellig. Toch ben ik blij weer hier te zijn, hoor dokter, alleen al om het uitzicht.' Ze glundert helemaal. 'Ik heb vandaag een spijkerbroek aangedaan, dat vindt u toch niet gek hè?' 'Nee hoor dat vind ik wel hip', antwoord ik. 'Ja, u weet natuurlijk dat ik 95 ben. Gelukkig heb ik ze allemaal nog goed op een rijtje en red ik me weer prima thuis.' Ik luister aandachtig. Ze is enthousiast weer zelfstandig te kunnen zijn. Plotseling verschijnt er een nog bredere glimlach op haar gezicht. 'Ik mag ook weer autorijden, dokter!' Ik hoor mijzelf denken 'is dat nu wel zo'n goed idee?', maar ze vertelt verder. 'Nu ik weer kan rijden kan ik zondag naar mijn zus in Zeeland en ik kan ook weer mijn eigen boodschappen doen. U zal wel denken, dokter, is dat wel verstandig? Maakt u zich maar geen zorgen, ik neem elk jaar een rijles. Dat kost mij wel wat geld, maar dan weet ik of ik nog kan rijden. Als de instructeur zou zeggen dat het niet meer verantwoord is, dan houd ik er meteen mee op. Gister heb ik met Bas, mijn rij instructeur gereden en hij vindt dat het nog prima gaat.' Vóór mij zit een gelukkig mens. Bij mij dringt zich de vraag op, hoe eerlijk ben ík eigenlijk naar mijzelf? Ik heb al langer mijn rijbewijs wél dan niet, maar het zou niet in mij opkomen om een rijles in te plannen. Nu mijn 18 jarige zoon zijn rijbewijs heeft en mij af en toe voorzichtig corrigeert ben ik mij er al meer bewust van dat mijn rijstijl hier en daar na zoveel jaar wel iets te wensen overlaat. Maar hoe eerlijk ben ik écht? Hoe eerlijk bent u? We genieten van een programma als 'de slechtste chauffeur van Nederland', maar nemen wij zelf ook verantwoordelijkheid voor ons eigen gedrag op de weg? Het idee van een jaarlijkse rijles blijft de hele middag bij mij hangen. Eigenlijk zo'n gek idee nog niet, zo'n jaarlijkse 'opfris-rijles'. Ik heb mijn les ingepland voor volgende week!
door Emmeline Backhuys 2 mei 2020
Stervensbegeleiding in Corona Lockdown Ergens in de verte hoor in de telefoon gaan, mijn werktelefoon. Het enige licht in mijn slaapkamer komt van mijn wekker 23:12 Ik neem op. ‘Dokter, met Irene. Yves is zojuist overleden.’ Het is even stil. We praten samen wat, ik condoleer Irene en beloof in de loop van de volgende dag te bellen. Klaarwakker lig ik in bed en laat mijn gedachten de vrije loop. Wat is het snel gegaan. Yves sprak ik voor het eerst op vrijdag 20 maart. Vier dagen daarvoor was Nederland in intelligente lockdown gegaan. De praktijk is alleen nog open voor spoedgevallen en de rest moet wachten. Maar wat zijn échte spoedgevallen en is dat wachten voor andere kwalen wel verantwoord? Omdat ik in de categorie ‘hoog risico’ val werk ik zoveel mogelijk vanuit thuis. Ik bel mensen op of doe beeldbellen. Zo schat ik in of hun kwaal kan wachten en zo ja of we dan in die tussentijd al iets kunnen doen aan bijvoorbeeld onderzoek. En zo belde ik die vrijdag 20 maart met Yves, een 62 jarige man van Franse komaf. Ik heb hem en zijn partner nog nooit ontmoet. Zij zijn patiënt bij een van mijn collega’s. Yves werkt zelf in de zorg. ‘Dokter ik heb een knobbel onder mijn ribben rechts en ik denk zelf dat het niet goed is.’ Als ik wat doorvraag gaan er alarmbellen rinkelen, maar Yves valt niet in de categorie spoedgevallen zoals die op de praktijk is afgesproken. Ter overbrugging voor het weekend geef ik mijn nummer mocht er iets zijn. Ik laat bloed prikken en in samenspraak met de internist een echo. Het is dinsdag, vier dagen na ons eerste contact, met klamme handen toets ik het nummer van Yves in. ‘Hi dokter, zeg het maar het is foute boel hè?’ ‘Ja Yves, ik kan het niet mooier maken. Het zit overal en we denken dat je nog ongeveer 2 weken hebt.’ ‘Ja dokter, het is zoals het is. Eigenlijk wist ik het al. Ik wil niet naar het ziekenhuis, laat ik dat heel duidelijk zeggen. Ze kunnen toch niets doen en met deze COVID ellende kan Irene niet meer bij mij zijn. Nee laat mij maar gewoon thuis. Ik weet dat ik doodga en de tijd die ik nog heb ben ik het liefste thuis. Ik zou nog wel heel graag met Irene trouwen dokter, het is er nooit van gekomen ziet u. Het stadhuis in Rotterdam heeft daarvoor een brief van u nodig.’ ‘Dat regel ik Yves’, zeg ik. ‘Ik zal ook elke dag bellen. Als jullie mij tussendoor nodig hebben dan weten jullie mij te vinden.’ ‘Merci.’ Donderdagmiddag 26 maart, de telefoon gaat, het is Yves. ‘Dok, we zijn getrouwd, het is gelukt, de zon schijnt, God kijkt mee.’ Mijn ogen schieten vol als ik hem feliciteer. De twee weken die volgen worden voor Yves en Irene steeds zwaarder. Voor hen is COVID-19 bijzaak. Yves is een gelovig man. In vol vertrouwen heeft hij 2 weken geleden zijn lot aanvaard. ‘Pasen moet ik echt nog wel kunnen halen, dokter’ zei hij. Het is Stille Zaterdag, Yves kan niet meer, hij heeft zoveel pijn. We bellen 2-3 keer per dag. De pijn is bijna ondraaglijk. Steeds schroeven we de pijnstilling een beetje verder op. Er is in al die tijd geen klacht over de lippen van Yves gekomen. En nu is het dan tweede Paasdag en lig ik hier in bed. Wat is het snel gegaan en wat troost het om te weten dat Yves vol vertrouwen naar zijn Schepper is gegaan. De wereld om ons heen is vol COVID-19 en ondanks dat COVID-19 ook ons als gezin heeft geraakt realiseer ik mij dat er meer is dan alleen COVID-19. Een gevoel van dankbaarheid komt over mij. Dankbaar dat ik er voor mijn patiënten mag zijn, dat ik al die jaren ervaring mocht opdoen waar ik nu op kan varen, dat deze telefonische stervensbegeleiding op mijn pad gebracht werd, dankbaar voor mijn vertrouwen in Goddelijke leiding, voor de kracht die ik telkens krijg om dit vol te houden. Dankbaar voor alle zegeningen, ik tel ze elke dag en zo voel ik mij ondanks alle strijd in de wereld gelukkig. Immers geluk maakt niet dankbaar, maar dankbaarheid maakt gelukkig. (De namen en specifieke data in deze blog zijn om privacy redenen gefingeerd)
door Emmeline Backhuys 31 oktober 2018
Tijdens een dienst op de huisartsenpost wordt er gebeld door het locale verzorgingshuis. Mevrouw Janse is benauwd en heeft ineens een hele blauwe voet en een paar vingertoppen zijn ook blauw. Het is een patiënte uit onze praktijk dus ik stel voor dat ik de visite maak. Ik ken mevrouw Janse, een vriendelijke 88 jarige dame die chronisch wat benauwd is en helder van geest. Aangekomen is de verzorging erg bezorgd. De familie is al ingelicht en is (ook) op weg naar het verzorgingshuis. Samen met de chauffeur ga ik naar de kamer van mevrouw Janse en neem in mijn hoofd de mogelijkheden door wat de reden is dat mevrouw ineens een blauwe voet heeft en blauwe vingertoppen. Mevrouw ligt in bed en hoest wat, zo ken ik haar. De bloeddruk was al gemeten en deze was goed. Koorts heeft zij ook niet, zo vertelt de verzorging. Ik loop naar haar toe en zie in het schemerdonker blauw-zwarte vingertoppen. Ik doe het licht op het nachtkastje aan. Het zuurstofgehalte in haar bloed meet ik en dat is goed. Ik kijk nog eens goed en vraag 'heeft u geschilderd vandaag?'. 'Oh ja, dokter', zegt ze 'het was zo gezellig!' Goed dat verklaart de vingers. De verpleging benadrukt dat het vooral haar voet is waar ze bezorgd over zijn. Ik kijk goed, voel naar pulsaties (kloppen van het hart in de voet). De vaten doorstromen goed door de beide voeten. Ik vraag de verpleging: 'hebben jullie een washandje?' Met een beetje zeep en water maak ik de voet van mevrouw schoon. De verf gaat er redelijk makkelijk af. Dat was een dure wasbeurt!
door Emmeline Backhuys 24 september 2018
Een dame van halverwege de 40 komt op het spreekuur na een stressvolle periode waarbij haar moeder gedwongen opgenomen moest worden in verband met dementie. We praten, ik schrijf haar iets rustgevends voor en adviseer haar rust en ontspanning te zoeken. Ik spreek met haar af om haar 3 dagen later opnieuw op het spreekuur te zien. Ze komt binnen: 'Nou dokter bedankt voor het advies om te ontspannen! Ik dacht ik koop een fiets bij Blokker dan kan ik fietsen en ontspannen. Nou bleek dat ik dat pokkeding zelf in elkaar moest zetten. Ik heb er verdorie een hele dag over gedaan en nu zegt mijn papegaai de hele dag KUT dus dan snapt u wel hoe vlot dat in elkaar zetten ging'.
Show More
Share by: